OPS, een zenuwslopende ziekte
In Nederland wordt naar schatting een half miljoen mensen regelmatig blootgesteld aan organische oplosmiddelen tijdens het uitoefenen van hun beroep. Veel werkgevers en werknemers zijn zich niet of nauwelijks bewust van de gezondheidsrisico's die dat met zich meebrengt. Het is al lang bekend dat organische oplosmiddelen 'neurotische' (giftige) eigenschappen bezitten, wat betekent dat ze het zenuwstelsel -onherstelbaar- kunnen beschadigen. Deze schadelijke werking kan tot ernstige klachten leiden die een grote belasting vormen voor de werknemer en zijn sociale omgeving: het Organisch Psycho Syndroom. Het feit dat in ons land de gezondheid van zoveel werknemers gevaar loopt door deze oplosmiddelen is voldoende reden om blootstelling zoveel mogelijk te voorkomen. Uiteindelijk vaart niet alleen de werknemer daar wel bij, ook de werkgever is gebaat bij een -in alle opzichten- gezond bedrijf.

Organisch Psycho Syndroom
Van alle organen in het menselijk lichaam zijn de hersenen het meest gevoelig voor organische oplosmiddelen. De geschiedenis maakt duidelijk dat in de vorige eeuw werd onderkend dat blootstelling kan leiden tot slapeloosheid, angstdromen en buitengewone geïrriteerdheid. Uiteindelijk kan dit klachtenpatroon zodanig verergeren dat gesproken wordt van het Organisch Psycho Syndroom (OPS). Organisch wil in dit geval zeggen dat er sprake is van functionele schade aan het zenuwstelsel. Psycho duidt op mentale- of gedragsstoornissen en Syndroom betekent dat het gaat om een combinatie van ziekteverschijnselen.

Organisch Psycho Syndroom; hoe herken je dat?
De klachten, als gevolg van blootstelling aan oplosmiddelen kunnen zich in verschillende gradaties voordoen.
Soms zijn de klachten van tijdelijke aard, bijvoorbeeld als er in een slecht geventileerde ruimte met oplosmiddelhoudende verf of lijm wordt gewerkt. Kortdurende blootstelling aan een hoge concentratie oplosmiddel kan leiden tot misselijkheid, hoofdpijn, duizeligheid en hartkloppingen. De klachten verdwijnen vaak snel nadat de werkzaamheden zijn beëindigd. Bij regelmatige blootstelling aan organische oplosmiddelen kan blijvende schade aan het zenuwstelsel ontstaan. De eerste fase van klachten wordt aangeduidt met het 'neurastheen syndroom'. Bij voortdurende blootstelling aan oplosmiddelen kunnen deze klachten zich verergeren en leiden tot het Organisch Psycho Syndroom. Mensen die lijden aan het OPS zijn vaak verward; ze kunnen zich slecht oriënteren in ruimte en tijd, kunnen hun aandacht niet lang op iets richten, kunnen slecht samenwerken en onthouden, kennen een gebrek aan logica, hebben verstoring van het bewustzijn en waarnemingsstoornissen. De klachten gaan soms gepaard met snelle wisseling van stemming of persoonlijkheid. In deze fase is volledig herstel niet meer mogelijk.

Wie lopen gevaar?
De diagnose van OPS door oplosmiddelen is moeilijk te stellen omdat er ook andere oorzaken voor de eerder omschreven klachten mogelijk zijn, zoals bijvoorbeeld een val of drankmisbruik. Toch is met onderzoek zoveel voortgang geboekt dat tegenwoordig een relatie kan worden vastgesteld tussen de klachten OPS en een beroepsmatige blootstelling aan oplosmiddelen. In Nederland worden naar schatting 500.000 mensen bij de uitoefening van hun beroep regelmatig blootgesteld aan oplosmiddelen. Van situaties met aanzienlijke blootstelling kan met name sprake zijn bij schilders, verfspuiters, vloerenleggers, dakdekkers, kunststofverwerkers, laboranten en werknemers in drukkerijen.

Wat te doen?
Iedereen is gebaat bij een 'gezond' bedrijf, en om de gezondheidsrisico's van het werken met oplosmiddelen terug te dringen en uitval van werknemers zoveel mogelijk te voorkomen moeten werkgever en werknemer een aantal dingen doen:
  • Risico- inventarisatie en -evaluatie De basis voor goede arbeidsomstandigheden in een bedrijf wordt gelegd door de risico- inventarisatie en -evaluatie. Daarmee komen de gevaren die er aan het werk zijn verbonden in beeld. Het risico dat deze gevaren oplevert kan zodoende worden ingeschat. Dat geldt dus ook voor de risico's die verbonden zijn aan het werken met oplosmiddelen. De werkgever zal dus moeten weten met welke stoffen er in het bedrijf gewerkt wordt (zie punt 3: Registratie) en aan welke concentraties van oplosmiddelen werknemers worden blootgesteld. Deze concentraties moeten door metingen of een onderbouwde schatting worden vastgesteld. Zowel het opstellen van de ri&e's als het uitvoeren van metingen en schattingen vereisen voldoende deskundigheid. De Arbodienst kan de werkgever hierbij ondersteunen. De uitkomst van de metingen of schattingen worden uiteindelijk vergeleken met de grenswaarden (MAC-waarden) die voor een groot aantal oplosmiddelen zijn vastgesteld. Houdt u daarbij ook rekening met meervoudige blootstelling. Deze grenswaarden (De maximum blootstelingsconcentratie in de lucht) mogen NIET worden overschreden.
  • Maatregelen Als de ri&e daar aanleiding toe geeft zullen doeltreffende maatregelen genomen moeten worden. Overschrijding van de grenswaarden of een grote kans dat dit optreedt is in elk geval reden om gerichte maatregelen te nemen de blootstelling voorkomen. Maatregelen moeten in een zekere volgorde worden getroffen. Het gevaar moet zo dicht mogelijk bij de bron worden bestreden. Daarmee wordt immers de meest structurele oplossing van het probleem bereikt.
  • Registratie Wet milieugevaarlijke stoffen In de Wet milieugevaarlijke stoffen zijn stoffen ingedeeld in gevaarscategorieën als bijvoorbeeld 'ontplofbaar', 'giftig', 'irriterend' of 'kankerverwekkend'. Wanneer in een bedrijf gewerkt wordt met stoffen die volgens de WMS moeten worden ingedeeld in een of meer van die gevaarscategorieën, moet daarvan aantekening worden gemaakt in een register. Veel oplosmiddelen of producten die deze oplosmiddelen bevatten zijn registratieplichtig. In dat register worden de identiteit (handelsnaam, chemische naam, samenstelling en EG-nummers) en de gevaren van de stoffen vermeld. Ook moet de afdeling waar de stoffen gebruikt worden of aanwezig zijn worden genoemd. De registratie is zodoende een belangrijke hulp bij het opstellen van een ri&e.
  • Hygiëne, voorlichting, instructie De werkgever is verantwoordelijk voor een hygiënische arbeidsplek en dient zijn werknemers voor te lichten en te onderrichten over risicovolle onderdelen van het werk. Daar hoort ook instructie bij over het werken met gevaarlijke stoffen, zoals oplosmiddelen. De werkgever kan hierbij gebruik maken van de Veiligheidsinformatiebladen van producenten, waarin de bestanddelen en eventuele gezondheidsrisico's van producten staan beschreven. Werknemers zijn overigens verplicht om de aanwijzingen op het etiket of de informatiebladen te volgen en de eventuele verstrekte beschermingmiddelen te gebruiken!

    Overgenomen uit: "Ziek van oplosmiddelen, aanbevelingen om het Organisch Psycho Syndroom te voorkomen", uitgegeven door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

    Voor meer informatie zie de website van OPS Vereniging Nederland